Waarom branche meeweegt
Kort antwoord: dezelfde balans betekent iets anders in de bouw dan in de zakelijke dienstverlening. Kapitaalintensiteit, projectrisico, seizoensinvloeden en gebruikelijke betaaltermijnen bepalen wat "normaal" is.
Wat je per branche wilt weten
- Gemiddelde betaaltermijn en spreiding
- Aantal faillissementen per 1.000 bedrijven, en de trend
- Typische solvabiliteit en marge
- Conjunctuurgevoeligheid en seizoenspatroon
- Onderpandwaarde: is er voorraad of materieel dat waarde houdt?
Praktische toepassingen
1. Benchmark je klant. 22% solvabiliteit is zwak in de detailhandel en redelijk in een projectgedreven sector met lage vaste activa. 2. Stel je standaardtermijn per sector in. Waar 60 dagen gebruikelijk is, jaag je met 14 dagen alleen discussie aan zonder eerder geld te zien. 3. Bewaak concentratie. Meer dan een derde van je debiteurensaldo in één conjunctuurgevoelige sector is een risico op zichzelf, ook als elke klant afzonderlijk gezond is. 4. Signaleer sectorbreed. Loopt de faillissementsdichtheid in een branche op, verlaag dan je limieten in die branche voordat je individuele signalen ziet.
Bronnen die je kunt navolgen
Wij classificeren bedrijven en statistieken op basis van de SBI-indeling en gebruiken CBS Statline voor branchecijfers zoals aantallen bedrijven en faillissementen per bedrijfstak. Bij elke publicatie hoort de peildatum, zodat je weet welke periode je vergelijkt.
Van cijfer naar beleid
Werk met een branchefactor bovenop je standaardlimiet: bijvoorbeeld ×1,2 voor stabiele sectoren en ×0,7 voor sectoren met een hoge faillissementsdichtheid. Leg de factor vast in je kredietbeleid en herzie hem jaarlijks, zodat je beslissingen consistent en uitlegbaar blijven.
Bekijk de branchepagina's voor de SBI-secties die wij gebruiken, en vraag hieronder branchecijfers of een kredietrapport aan.